Windpark A16 wordt kwart particulier eigendom

De bouwers van de windmolens langs de snelweg A16 bij Breda hebben toegezegd dat minimaal een kwart van het te bouwen productievermogen eigendom zal worden van de lokale gemeenschap. Deze asfpraak over deze zogeheten ‘dorpsmolens’ is vastgelegd in een green deal die de gemeenten Breda, Drimmelen, Moerdijk en Zundert met de ontwikkelaars hebben gesloten. Ook de Privincie Noord-Brabant heeft de deal ondertekend.

Windenergie West-Brabant

De negentien gemeentes in West-Brabant willen de komende jaren voor 200 megawatt aan windvermogen realiseren. De helft daarvan is gepland langs de snelweg A16, een windrijke corridor waar de molens nauwelijks verstoring opleveren. De gemeenten en de provincie stelden burgerparticipatie als voorwaarde voor het bouwen van de windmolens langs de A16. Nog voordat de ruimtelijke procedure van start gaat – de exacte locaties zijn nog niet bekend – zijn dus al afspraken gemaakt met de ontwikkelaars. Dat is een noviteit; het is nog niet eerder voorgekomen in Nederland dat de overheid vooraf laat vastleggen dat de lokale gemeenschappen in deze mate kunnen deelnemen in windprojecten.

Het is nog niet bekend op welke locaties de windmolens komen en welke ontwikkelaars over de juiste grondposities beschikken om te kunnen gaan bouwen. Na de zomer (2017) moet daar duidelijkhied over komen Vastgelegd is nu dus wel dat minimaal één op elke vier molens een ‘dorpsmolen’ wordt; deze is eigendom van de lokale gemeenschap. In iedere gemeente wordt een stichting opgericht om de opbrengsten van de windmolens zo goed mogelijk te besteden.

Beeld: Provincie Noord-Brabant

Reacties zijn gesloten.